LOUISE BOURGEOIS
donderdag 7 januari 2027
LOUISE BOURGEOIS
lezing door Carolien ten Bruggencate
19.30 uur in de “De Richtershof”, Jhr. von Heijdenstaat 6, Haaksbergen
De enorme spinnen van kunstenaar Louise Bourgeois (1911-2010) lijken fragiel, maar imponeren desalniettemin. Hun puntige, lange benen boren in de grond en dragen schijnbaar moeiteloos dat grote gevaarte van staal en marmer. Vaak is het mogelijk om onder zo’n spin door te lopen en als je onder hun lichaam staat, kun je boven je een soort eizak zien hangen – deze spinnen zijn allemaal moederspinnen. De grootste spin van negen meter noemde Bourgeois dan ook Maman. Haar eigen moeder was een weefster, net zoals de spin; samen met haar man had ze een atelier waar ze tapijten restaureerden en waar Bourgeois opgroeide en kennis over materialen en weven opdeed. Bourgeois omschrijft haar moeder als: ‘Iemand die helemaal betrouwbaar is, helemaal intellectueel, helemaal logisch, zonder uitbarstingen van hartstocht.’ Ze vond bescherming bij haar liefdevolle moeder tijdens een verder turbulente jeugd. Haar vader, aan wie ze zeer gehecht was, was genoodzaakt de drie jaar oude Bourgeois en zijn vrouw achter te laten, omdat hij als militair moest dienen in de Eerste Wereldoorlog. Toen ze vijf was huurde hij een gouvernante in om voor haar te zorgen omdat haar moeder ziek was. Tien jaar later bleek die inmiddels vertrouwde gouvernante de minnares van haar vader – dubbel verraad voor de jonge Bourgeois. Op haar twintigste overleed haar beste vriend, haar moeder. De gebeurtenissen in Bourgeois’ persoonlijke leven inspireerden haar telkens voor de vele verschillende beeldhouwwerken, schilderijen of installaties die ze maakte. Veelal zijn het abstracte kunstwerken met organische vormen, met soms borsten of fallussen in allerlei soorten en maten. Seksualiteit, liefde, macht bleven gedurende haar hele leven een rol spelen in haar kunst. Louise Bourgeois was een strenge, doelgerichte vrouw die vaak in abstracte zinnen reflecteerde op de functie van kunst in haar leven: ‘Geen expositie is belangrijk. De vooruitgang in het werk is belangrijk. De zelfkennis die ik krijg en die elke kunstenaar krijgt: ik ben niet bijzonder.’ Dat ze wel degelijk bijzonder was zal in deze lezing door Carolien ten Bruggencate duidelijk worden.
Kunsthistoricus Carolien ten Bruggencate is gespecialiseerd in de beeldende kunst van de 19-de en 20-ste eeuw. Zij is verbonden aan Museum de Fundatie in Zwolle/Heino.
